De Nederlandse fotografe Rineke Dijkstra ontvangt dit jaar de meest prestigieuze fotoprijs de Hasselblad Award. Zeg maar de Nobelprijs voor fotografen.
Dijkstra startte haar carrière na het beëindigen van de kunstacademie in Amsterdam begin jaren negentig. Zij is met name bekend door haar spraakmakende portretten, die inmiddels tot de vaste collectie van grote musea als MOMA en het Rijksmuseum behoren.
Tijdens haar opleiding aan de Rietveldacademie kreeg ze van haar docent Anthon Beeke de tip om met vaste standaard brandpunten te werken. Dit is dan ook een van de kenmerken van haar werk, waar ze dicht op de huid van de modellen kruipt.
Beroemd zijn de portretten aan het Poolse Oostzee strand van jonge, verlegen meisjes op de rand van volwassenheid. De lichtval, de onzekerheid door de voetafdrukken in het zand, de ongemakkelijke pose met de onbekende zee op de achtergrond, zijn verpletterend.
“Het gaat”, zoals zij zelf: “om de blik, de houding, maar ook de achtergrond, het licht en over het verhaal dat je wilt vertellen”. Als al deze elementen samenvallen heb je een perfecte foto.
Bekend zijn haar series waarin de factor tijd een belangrijke rol speelt. Zij legt het gezicht van de jonge Olivier vast die zich aansluit bij het Franse Vreemdelingenlegioen. Tijdens zijn carrière volgt ze hem en legt vast hij hij zicht ontwikkelt van een onzekere jonge naar een stoere soldaat. Het knappe van Dijkstra is dat zij ondanks het uiterlijk van de harde vechtmachine nog altijd sporen laat zien van de onzekere jongen die achter het masker schuilgaat.
De prijs wordt op 9 oktober in Göteborg uitgereikt.